Gemeen, heel gemeen, dat argument dat ik opvoerde tegen de ‘poetry slammers’. Als jullie zo goed een publiek kunnen vermaken, zo zei ik, waarom staat er dan geen uitverkochte slammer in de Arena? Want met twintig slammers die allemaal hun vrienden meenemen is zo’n klein zaaltje inderdaad zo vol. Een weerwoord kwam er natuurlijk niet. Als je een weerwoord wil moet je niet in Nederland geboren worden.

Is de poetry slam een kunstvorm op zichzelf of is het een oplichtersroutine uitgevonden door matig getalenteerden? 

Het is niet zo moeilijk te bedenken dat het laatste waarschijnlijk dichter bij de waarheid ligt. Elke generatie verzint manieren om met weinig werk voor elkaar te krijgen dat jij en jouw cirkeltje de macht naar zich toe zullen trekken. Het idee dat je, door wat vrienden uit te nodigen om te komen joelen bij wat zoetgevooisd oplezen van teksten, dat je op zulke wijze een populariteitsargument te berde kunt voeren (‘ik ben goed want de mensen horen het graag’) – zo’n idee maakt langzaam de vertaalslag naar het volgend idee: dit is niet het oplezen van nogal matige teksten, maar een kunstvorm op zichzelf.

Maar er bestaan toch fantastische performers? 

Zeker weten! Ik ken er een aantal persoonlijk. En natuurlijk, de podium performance is een andere kunstvorm. Het is alleen geen literaire kunstvorm, precies daar wringt de klomp – als zo’n Raad van State in hun advies aangeeft dat er meer geld bedoeld voor literatuur naar deze vorm van podiumkunst moet lijkt mij dat dus onterecht.

Daarmee misken je een heel nieuwe kunstvorm die door zijn populariteit veel mensen naar de poëzie trekt!

Is dat zo? Ik heb niet bepaald de indruk dat mensen door poetry slam meer poëzie zijn gaan lezen. Sterker nog, ik heb stellig de indruk dat mensen juist minder poëzie zijn gaan lezen, minder breed ook, de teneur is toch vooral dat als we elkaar een beetje lezen het allemaal al wel okee is. Wat Gerrit Komrij ‘lezen binnen de eigen speeltuin’ noemde, zeg maar. En iets dat in de jaren tachtig in Amerika populair was kun je 40 jaar later eigenlijk niet met een serieus gezicht ‘nieuw’ noemen, denk ik.

Poetry slam is een manier om poëzie te beleven, die zich los heeft gemaakt van het papier.

O, het befaamde loszingen. Maar ook hier moeten ik je even een illusie armer maken: wat je daar op het podium ziet is GEEN poëzie.  Wat het wel is: één interpretatie van een tekst die mogelijk poëzie is. En dat kan een interpretatie zijn waarnaar het fijn luisteren is, maar een gedicht bergt duizenden van zulke interpretaties in zich, dat is precies wat het lezen van poëzie zo spannend maakt. En wat dus het luisteren naar één interpretatie een stuk minder spannend maakt. En laten we even wel wezen, de meeste poetry slammers  zijn bepaald niet Dylan Thomas. Het gros staat met monotone stem therapeutisch geneuzel op te dreunen.

Dus de samenleving is de enkelvoudige, mooie interpretatie gaan verkiezen, ja, verheffen tot het ding-an-sich. 

Precies om die reden hebben dichters altijd geprotesteerd tegen het idee dat iets alleen maar goed op een podium hoeft te zijn om tot de literatuur te mogen worden gerekend. Ilja Pfeijffer en vele anderen wezen er keer op keer op dat teksten ook op papier goed moeten zijn, omdat juist daar de gelaagdheid zich zal moeten bewijzen. De tijdsgeest lijkt echter steeds minder een vriend van de letteren.

Maar iedereen heeft het over poëzie buiten de bundel, van Chrétien Breukers tot Kila van der Starre tot Daan Doesborgh, de poetry slam is zo ingeburgerd geraakt dat de literatuur er niet meer omheen kan, de echte poëzie is niet langer op papier te vinden!

Zie boven. Het rijtje oplichters is schier eindeloos. Wie een hekel heeft aan lezen, er tegenop ziet een oeuvre te moeten schrijven en liefst instant erkenning scoort bij mensen die de literatuur niet serieus nemen: voor zulke mensen is poetry slam inderdaad een prachtige uitkomst. Maar dichters vinden dus volkomen terecht dat je je eerst zult moeten bewijzen op papier. Laat je dat na, dan ben je helaas gewoon geen dichter. Hoeveel weerwoord je ook nalaat te geven.  Hoeveel vrienden je ook in de kroeg klappend bij elkaar krijgt. Hoeveel Meander recensies je ook tot het plafond weet op te stapelen!