Anderen over Karavanserai:
Ik heb je bundel vervloekt, op de grond gegooid, weer opgepakt, gezworen dat ik het nooit zou bespreken, erom gelachen, geprezen, delen echt goed bevonden, bedacht dat ik 2.000 woorden nodig had het onder woorden te brengen dus moest wachten tot december, en uiteindelijk gisteren toch na weken lezen een stukje gemaakt voor De Groene.
Erik Lindner
De gedichten van Benders zijn metaforisch in beeldende zin. Oren zijn bij hem ‘een paar gekrompen vleugels / naast ons hoofd’. Hij werkt die metaforen hardnekkig uit. Zo bestaat muziek opdat onze oren niet ineenklappen, nu we die vleugels toch al niet meer kunnen uitslaan. Dergelijke wendingen verraden een stevig poëtisch vermogen. Martijn Benders heeft iets wat weinig dichters hebben: guts.
(..)
Bij vlagen is hij werkelijk humoristisch, als hij vakkundig een gospel opblaast of Cupido zijn pijlen in het mos laat dopen terwijl alle meisjes met kogelvrije vesten rondzwermen. Op een bepaalde moment klinkt hij als een wat minder verfijnde Oosterhoff, een referentie die me bij geen enkele andere dichter is opgevallen.
(..)
Ik vraag me af of Martijn Benders met zijn debuut niet teveel tegelijk wil laten zien. Zijn belezenheid had ook uit zijn eigen werk kunnen blijken. In doodlopende stegen is het moeilijk dwalen. Losse vertaalde gedichten rijmen slecht op elkaar. Maar dat mag de uitzonderlijkheid van dit debuut niet overstemmen. De poëzie van Benders is gelijk aan haar onderwerp: werelds en exotisch. De ongepolijstheid van Benders kent een belofte. Een dergelijke brute kracht zal door welk toekomstig keurslijf ook heen zichtbaar blijven.
Erik Lindner in De Groene Amsterdammer
‘Hier is een dichter aan het woord die weet wat hij in zijn poëzie wil, en hoe hij het gaat bereiken. En het bereikt. Zijn sterke en trefzekere beelden beklijven, en ze trekken in zo grote getale aan de lezer voorbij dat ze een duizelingwekkend effect hebben. Je zou haast zeggen dat Benders zijn gedichten te vol met beelden laadt, temeer omdat het grillige, verrassende beelden zijn - maar de gedichten worden telkens, schijnbaar moeiteloos, tot een goed einde gebracht’
Edwin Fagel, De Recensent
In die zin te vergelijken met De encyclopedie van de grote woorden van Mark Boog, waarin eveneens grote thema's verdicht worden. Boog doet dat goed, Benders doet het beter. Sprankelender. Vitaler.
Olaf Risee, In Letterland
‘Dat alles bij elkaar genomen is de verrassing des te groter dat er nu toch een heuse dichtbundel van hem verschenen is, bij een echte uitgeverij nog wel, die 'Karavanserai', zoals het boek heet, in lyrische woorden aanbeveelt en Benders portretteert als een eigentijdse derwisj tussen continenten en culturen.
Dat zijn natuurlijk promotiepraatjes, maar bij wijze van uitzondering is er geen woord van gelogen.’
Peter van Vlerken, Eindhovens Dagblad
In deze tijd van culturele spanning, herleving van het godsdienstspecifieke versus het universele-rationele, een literatuur-top-tien die bepaald wordt door ontbijtshows en hapklare oppervlakkigheid, kies ik veel liever een bundel die geschreven is aan de karavaanroute waarlangs de Westerse filosofie zijn oorsprong vond en vandaag elk geopolitiek vraagstuk voelbaar is. Een moedige dwarse schrijver heeft het lef om zich in deze tijd te begeven op de grens van het Oosterse en Westerse continent.
Jolie van der Klis, Jolie.nl
Karavanserai is een zeer complexe en erudiete bundel, die zijn dubbele bodems aanvankelijk niet onmiddellijk prijsgeeft aan de argeloze lezer.
Peter Wullen, Urban Mag
Het klinkt vreemd als ik zeg dat Martijn Benders ook na zijn debuut mijn favoriete Brabantse dichter blijft. Maar dat is het niet. Hij maakt namelijk al jaren mooie gedichten.
Han van Meegeren, Cubra
Het niveau van de gedichten is consistent terwijl er in stijl voldoende afwisseling te vinden is. Zeker bij een wat dikkere bundel als deze is dat knap. Het is dan ook godsonmogelijk om een gedicht te plaatsen dat de kwaliteit in de breedte van de totale bundel kan representeren maar hieronder een gedicht dat mij persoonlijk erg aansprak - al vond ik De Gospel ook wel hilarisch.
Hoe dan ook, ik heb absoluut waar voor mijn geld gekregen, blijf onder de indruk achter en kan uitzien naar vele uren meer leesplezier. Kwaliteit vergaat niet.
Saskia van den Heuvel
'Een veelbelovend dichter, puttend uit een hoorn des overvloeds'
Rob Schouten, Awater |

Anderen over Karavanserai:
Ik zit nu te lezen in Karavanserai van Martijn Benders, en dat is een mooi, sterk debuut, goed gestructureerd en met een behoorlijke dichtheid van geweldige gedichten - je kunt merken dat Benders geen obligate Nederlandse boekenkast bezit, maar ook veel over de grens leest, waardoor zijn eigen gedichten soms lezen als zeer goede vertalingen van Engelse gedichten.
Ingmar Heytze
Karavanserai van Martijn Benders is een van de opmerkelijkste gedichtenbundels die ik de laatste jaren in het Nederlands heb zien verschijnen. Of Benders een derwisj in zijn poëzie is, zou ik niet durven beamen. Wel deed hij me soms aan Borges’ poezie denken: sterk verhalend, vol rake observaties die verwondering wekken, nieuwsgierigheid, melancholisch stemmen. Maar Borges is beeldvaster. Wanneer hij je aan de hand neemt, dan loopt het de straat in Buenos Aires met je af, tot het einde. Bij Benders moet je altijd oversteken, teruglopen, struikelen, je een geur in je neus laten duwen. En wanneer je tijdens het lezen als eens op je snufferd valt, staat het gedicht op zijn kop. Misschien dan toch een derwisj? In elk geval - ondanks de springerigheid in beelden - mag Benders van mij de epitetha die ik op Borges geplakt heb trots op zijn gedichten plakken. Hopelijk gaat dit nog groeien, zodat de kinderen over tien jaar elkaar met zijn zinnen om de oren slaan.
Jo Willems
I keep wanting to write something about it on my own blog, but I just can't find the right angle! For me, though, part of it is that I don't want to write reviews at all... it's definitely a very good read, one of the most exciting poetry books I read recently; that I can say; but what does it mean to say that?'
Samuel Vriezen
Je bundel vind ik zeker niet mislukt, integendeel. Niet alle gedichten zijn helemaal geslaagd, dat is logisch. En ik heb in je bundel - naar mijn gevoel - tot nu toe maar één (1) werkelijk mislukte regel gezien, die een verder behoorlijk gaaf gedicht geweld aan doet. En dat had niets te maken met een teveel aan beelden of gebrek aan consistentie
Ook gecanoniseerde dichters die ik zeer bewonder hebben niet meer volledig goede en geslaagde gedichten geschreven dan half of ten dele geslaagde. Een volledig geslaagd gedicht is eerder de uitzondering
Dat er in jouw debuut al een aantal gedichten staan die als geheel geslaagd kunnen worden beschouwd vind ik verbluffend. Daarnaast barst het van de goudaders tussen minder blinkende bodemlagen
Johan Holtkuile, ex redacteur Lava
Op zoek naar een 'rustpunt in het oog van de storm' is zijn poezie zeker zowel 'metafysisch als exact', waarin oosterse realiteit gefilterd doordringt. Metaforen en vergelijkingen vormen doorwrochte, als door een diamantair geslepen brokken, opgediept uit met belezenheid omklede gevoelslagen. Bij eerste lezing zijn er soms ondoorgrondelijke, maar schitterende facetten, een melange van bevattelijke en occult getinte inhouden
Wijnand Steemers, Biblion
De gedichten van Martijn Benders ademen de kosmopolitische sfeer van zowel heden als verleden, van de harde werkelijkheid en ongrijpbare mystiek, van lieflijkheid en rauwheid tegelijkertijd. Deze combinatie van uitersten maakt het lezen van zijn gedichten tot een verrassende ontdekkingstocht door de menselijke ziel en zijn soms betoverende of ontluisterende leven.
Karin Westera, Mystic Soul
Een dichtbundel die me verbaasd en verrukt: Karavanserai van Martijn Benders. Beelden en metaforen die me stil maken (deels uit jaloezie), verbazen, soms hardop in de lach doen schieten. En dit is nog maar zijn debuut, niet te geloven.
Patty Scholten
Er is in het Nederlands taalgebied een dichter opgestaan. Met zijn eerste bundel heeft hij lang gewacht en het bleek het wachten waard. Karavanserai heet de bundel en is uitgegeven in 2008 bij Uitgeverij Nieuw Amsterdam.
Marc Tiefenthal |