coronadagboek

Een land vol dagjesmensen

Nederland zit vol dagjesmensen. Ik zie de eerste noodkreten op facebook al, help, geen idee hoe ik mijn kind moet vermaken. Dagjesmensen hebben een bepaalde opmaak. Ze moeten vermaakt worden. Lezen doen ze liever niet, en als ze al lezen is het gezelligheidslectuur. De kunst en de literatuur in Nederland werden op dagjesmensen afgestemd, daarom doet die hele literatuurwereld zo als een hotelanimatieteam aan. Heel Nederland dient vermaakt. De Koning spreekt op televisie tegen het verschrikkelijke eenzaamheidsvirus.

Als er één specialist bestaat op het vlak van isolatie dan ben ik het wel. Ik zat veel langer in de woestijn dan Jezus. Die greep al lang en breed weer naar de wijn toen ik nog met de duivel stoeide. Ik heb mijn hele leven instinctief het kluizenaarschap gezocht. Zelfs toen ik gekraakt woonde was ik de kluizenaar van de groep. Mijn idee van de hel: een vergadering.

Eenzaamheid een virus? Voor mij is het de grootste zegening die ik ken. Dat ik Veronique wist vinden is een geluk – zij is een boeddhistische monnik, en net als ik aan het kluizenaarschap gewend.

Isolatie in een land vol dagjesmensen. De elite als hotelanimatieteam. Nee, ik zie dat virus hier niet snel beheerst gaan worden. Zelfs nu nog worden mondkapjes belachelijk gemaakt. Sluit het café, en de dagjesmensen gaan in drommen de natuur in. Eenzaamheid is voor hen een virus. In het begin van deze crisis zag je die kuddementaliteit al in het feit dat ze goed geinformeerd zijn ‘paniek’ meenden moeten noemen. De juiste cijfers noemen? Dat is paniek zaaien! Hup, naar het volgende uitje, lange leve De Koning! Lang leve de Supermarkt!

Die gezichtentrekkers uit Ferdydurke zijn naar mijn inschatting de polemisten. Een wedstrijdje gezichten trekken, rare grimassen maken naar elkaar – in het Polen van Gombrovicz was de polemiek nog vrij levend, in Nederland is hij altijd al dood geweest, als er al sprake is van polemiek is het een wedstrijdje gezichten trekken naar jezelf, ter vermaak van een onzichtbare kudde.

One thought on “Een land vol dagjesmensen

  1. De onzichtbare kudde dient geadresseerd niettemin, wellicht was ze slapende, en luisterde ze al dromend. Misschien was ze dood, en is het adres een wens. Misschien was het adres een wens tot dromen. Misschien is de droom onzichtbaar, misschien is hij dood. De onzichtbare kudde dient geadresseerd niettemin, wellicht was ze slapende, en luisterde ze al dromend.

Leave a Reply