Een bundel met obesitas

Een bundel met obesitas

Op pagina 80 belandt van de biografie van Ingrid Jonker, die in de vroege zomer bij de Kaneelfabriek gaat verschijnen. Ik doe het binnenwerk van het boek, het zetten. Ik wist tot dusverre weinig van Ingrid Jonker, en inmiddels weet ik al heel veel, omdat zetten ook betekent dat je de tekst meeleest.

En soms sla je dan wel eens aan het fantaseren: wat zou er in mijn biografie te lezen staan over deze eerste recensie die ik over mijn debuutbundel in Awater ontving, een bundel waar ik ongeveer acht jaar aan had gewerkt, waarin de recensent van dienst, een grote krantenjongen, meent de leukste thuis te kunnen zijn door het debuut van iemand met obesitas een ‘bundel met obesitas’ te noemen?

‘Mag het een onsje minder zijn…huhuhu’

Dit is dus de parasiet in volle aktie. Fatshaming als lolbroekerij – voor een jonge dichter die naarstig hoopte op een intellectueel klimaat, maar enkel dit op zijn bord kreeg. Nederland, het land van de Derksen, de Schoutens, het land van Ali B pijpen op schrijverskamp als minderjarig meisje.

Later deed Schouten het nog eens dunnetjes over bij mijn bundel Baah Baaah Krakschaap. Toen heette het plots dat ik als dichter onbegrepen wenste blijven. De wens is natuurlijk de vader van de gedachte. Er zijn behoorlijk wat figuren die de bekendheid uithangen die er belang bij hebben dat ik onbegrepen blijf. En met de in sneltrein zakkende intelligentiegraad zal dat ook gerust gebeuren, ik koester geen enkele illusie wat dat betreft.

De parasiet dacht nogmaals toe te kunnen slaan toen ik toestemde voor een interview in verband met een drankverslaving die ik inmiddels al achter de rug had. Want de krantjes hadden al 20 jaar geen enkele interesse in mijn gedichten, maar in mijn verslaving des te meer. Erik Jan Harmens kwam heel vroeg opdagen en nam iemand met een enorme ringflitser mee om me werkelijk zo ongunstig mogelijk op de foto te krijgen. Flits, en de rest van je leven ben je de lul. De religieuze jongens van de Trouw. Ik greep echter de gelegenheid aan om een boodschap de wereld in te helpen die broodnodig was: dat alles wat je consumeert een drug moet heten, en dat brood en kaas harddrugs zijn.

Harmens, die een psyborg verkramping heeft maar dat verward met autisme zoals velen dat doen (Nee, autisten dienen niet het algemene goed, zijn niet sociaal, vallen juist uit de toon, verkopen geen verzekeringen) en die stopte met drie biertjes per dag drinken waarna vele boeken over dat enorme gevecht volgden – ik gun hem de inkomsten best, maar zijn opmerking dat ‘een vriend van hem ook zo radicaliseerde’ heeft slechts vanuit zijn normaloverkramping betekenis – een krijger moet elk aspect van zijn eetgewoontes onder controle krijgen, een keuze is er wat dat betreft helemaal niet. Dat is niet ‘radicaal’ dat is een levensvoorwaarde voor het op orde krijgen van de Tonal.

Lunchers wisselen betekenisvolle blik uit: elke intimiteit is een ingebeelde

Nee, je eigen lichaam onder controle krijgen is niet radicaal. Het is radicaal voor mensen die in een parasitaire verkramping moeten functioneren.

Ik werk verder aan de biografie over Ingrid Jonker. Je voelt als je die biografie leest dat er een soort schuldgevoel in het collectief hangt over de behandeling die zij vanuit het systeem te verduren kreeg. Maar Jonker was helaas geen tolteekse krijger – en dus viel ze te pas en te onpas de armen van de parasiet binnen, een afhankelijkheid die haar ook snel fataal wist worden, hoewel ook rond haar dood enige vraagtekens te zetten zijn.

By their shhhroom shall ye know them

M.H.H. Benders is a most recognised poet of his generation, a student of the universal mycelia,  Amanita Sage and mycophilosopher. He wrote sixteen books, the last ones at the Kaneelfabriek (Cinnamon Factory). He is currently working on ‘SHHHHHHROOM a book on mushrooms and the Microdose Bible, which is an activation plan to restore your true identity coming next year. Keep in touch!

Some Teachings:

Some recent posts:

Facebook
Twitter
LinkedIn