Wat is een normaloverkramping?

Mag ik bij deze iedereen een hele fijne Vrijdag de 13e toewensen. Vanavond is er in Houthalen een ceremonie, zelf ga ik er ditmaal niet bij zijn maar de ceremonie is zoals altijd in de kundige handen van mamanita Inge en ook ditmaal zit de ceremonie vol. Er is nog een Nederlandse viering de 21e, ook die zit vol dus aanmelden heeft geen zin meer, we kijken welke data in de zomer van toepassing kunnen zijn.

Laat ik het vandaag eens hebben over een term die ik af en toe gebruik: normaloverkramping. Wat is dat? Wat bedoel je daar precies mee? Is het besmettelijk? Laat ik eerst een plaatje posten dat net op sociale media voorbij dreef om de eerste aanzet te doen voor een definitie:

De normaloverkramping in politieke postermodus.

Ah, zie ik jullie denken. Dat gedoe. Doen alsof jij de norm vertegenwoordigt. Experimenteel nieuw spuitje door biljonair Gates in je armen laten zetten? Je wilt toch ook niet weten wat er in een frikandel zit? Normalo. De mensen die cynisch doen alsof ze de norm representeren, en met hersenspoelcampagnes gedrogeerde zombies aansturen wiens enige wens in het leven is de gedrogeerde toestand waarin zij verkeren zo lang mogelijk te laten voortduren. En dan krijg je dit:

debat over onbekeken documentaire

Op de vlaamse televisie een debat over een documentaire, ‘Tegenwind’, een debat met drie deelnemers die alle drie weigerden de documentaire waarover gedebatteerd moest worden ook te kijken.

Dat is een verschrikkelijk verkrampte positie, vandaar dat we spreken van een ‘normaloverkramping’. De normalo is dus een figuur die doet alsof hij de norm is voor alle mensen, en om zijn ‘speeltuin’ heeft hij wat lijntjes getrokken waar hij niet overheen mag gaan, want dan zou wel eens kunnen blijken dat hij in een zandbak zit met een schepje en een emmertje en een volgeplempte luier. Dat ontwakingsmoment moet koste wat kost worden voorkomen.

Zelf ken ik deze normaloverkramping uit de poëziewereld. In de jaren 50 en 60 begon dezelfde normaloverkramping snel terrein te boeken in de wereld van de poëzie: gedichten moesten voortaan zo ‘begrijpelijk’ mogelijk zijn voor de psyborg van dienst, begrijpend lezen werd de norm, terwijl je in de kunstwereld toch nog altijd zou worden uitgelachen als je een schilderij gaat staan begrijpen of doet alsof dat het doel is van de schilderkunst, begrijpelijk zijn voor de normalo met de pet.

Dichtbundels werden steeds meer besproken alsof de lezer een voetbalverslaggever was die een wedstrijd moest verslaan. De taal werd steeds kariger, de lyriek steeds botter, alles en iedereen moest normaal gaan doen, en de dichter moest zich niet extravagant gedragen maar net als de Oranjes voortaan zo blase en saai mogelijk.

Door de hele markt te overspoelen met saaie normalodichters met formulistische werkjes over hun serviesgoed of de coniferen in hun plantsoen werd de poëzie uiteraard steeds minder populair, tot de millenials merkten dat je er een soort werkverschaffingssausje over kon gooien en ‘dichter’ zijn een soort carrière werd waarin je autistisch volgekrabbelde therapieboekjes op bijeenkomsten in nasale toon kunt voorstamelen aan andere slachtoffers van Martinus Benders.

Die lauwe prak is niet te harden, en de voordrachten zijn zo ongelofelijk monotoon dat ze enkel bedoeld kunnen zijn om gehoorapparaten een stabiele stemtoon te bieden. Goed, goed, waaraan merk je nu nog het best in de praktijk of een dichter een normaloverkramping heeft?

Hun houding

Hun houding? Ja, hun houding ten opzichte van het maken van een dichtbundel. Voor een krijger is alles zinloos zodra het geen uitdaging mag zijn. De houding van de normalo staat daar diametraal tegenover: alles is voor hem of haar een zegen of een vloek. Ik heb altijd het principe gehanteerd dat elk van mijn bundels beter moet zijn dan de vorige bundel. Daarnaast moet elk gedicht in een bundel minstens goed zijn. Kijk, dan leg je de lat tenminste ergens neer. Maar wat je op de markt ziet is de ene na de andere bundel waarin de dichter er werkelijk de kantjes vanaf loopt. Vaak mag je van geluk spreken als er 1 echt goed gedicht in een bundel staat. Dichtbundels van het modelletje ‘chatbox met een kaft erom’, de luiheid druipt er werkelijk vanaf.

Maakt toch niet uit? Is toch maar gedichtjes? Toch maar een spelletje? Zo’n bundel, das toch alleen een visitekaartje om bij te lullen?

Nog wat uitstekende voorbeelden van de normaloverkramping:

  • schrijvers en dichter posten schaapachtige foto’s van het tekenen van een contract
  • We kopen de CDA achterban uit en maken die nog meervuldiger miljonair en laten ze de vleesindustrie in de Ukraine heropbouwen en transporteren dat vlees dan terug en DAT IS ONZE BIJDRAGE aan iets wat we ‘het klimaatprobleem’ noemen.

O er vallen zoveel voorbeelden te verzinnen. Bijna alles in de gefabriceerde werkelijkheid hangt van de krankzinnige normalologica aan elkaar. Er bestaan wat mij betreft één psychische ziekte. De normaloverkramping. Zie je mensen die pretenderen dat zij iets representeren, pas dan op je tellen. Want ja, het is uiterst besmettelijk. Voor je het weet sta je zelf ook met je armpje de lucht in. Waarom dat zo gevaarlijk en besmettelijk is zal ik een andere keer uit de doeken doen.

Mountains, giants and mushrooms – in this fairytale-like collection, magic whirls and swirls, yet another reality breaks through as well – the whole world turned into The Shining, and the pilgrimage to Szymborska’s grave, a simple stone in Krakow, fails at the last minute; a journey without check marks across sixteen national borders to his daughter, however, succeeds. In its combination of fairy-tale nature, historical background and eerily topical reality, this collection of poems is Benders’ best since he lost count.

 

You have no time to read this, but that is because you are no longer human. If something of the original person were still alive in you, the old mycelia of childhood, then you would learn a lot from this book, indeed, with its magical knowledge, it might become your most useful possession. A book about the human imagination, and how it managed to get into the iron grip of trans-dimensional cockroaches. Furthermore, there are also magical tips to substantially improve your life and your time acceleration, and M.H.H. Benders also makes light-hearted mincemeat of the entire Dutch literature, what more could you want!

If you don’t want to crawl around mars like a cyber insect under a scrubbed boot – which is on the agenda – then you’d do well to read this book.

The first collected work of Martinus Hendrikus Hogervorst-Benders comprises no fewer than 712 pages and weighs in at least 1.4 kilos in thin print. It is the most ambitious collection written in the last thirty years, and certainly one of the highlights of Dutch literature as a whole, in line with Snoek and van de Woestijne. Anyone with a heart for literature and who wants to read an ambitious book brimming with cast-iron poems instead of yet another typical Dutch-language ‘masterpiece’ will be delighted with the purchase of this brick.

The Microdose Bible is the worlds most comprehensive and complete oversight of mind altering substances, teacher plants and mushrooms. Dutch mycologist and philosopher M.H.H.Benders takes you on a magical journey full of wonder about what teachers nature has to offer. Includes the Psychosupersum, a guide that describes all known mental disorders and offers wisdom for their treatment. 

This book will be published end of 2022.